De formele start
wo, 05/25/2011 - 13:04

De school is klaar om formeel te starten. Na de theorielokalen is ook het gebouw voor praktijkoefeningen opgeleverd (onderstaande foto 1, 2, 3 en 4). Het meubilair is in eigen beheer geconstrueerd (foto 6). Voor de opleiding ´metselaar en stukadoor´ zijn alle voorbereidingen getroffen. De leerlingen hebben zelf stenen gemaakt (foto 3 rechts) en het grootste deel van de gereedschappen zijn aangeschaft (foto 6). Het wachten is op de definitieve goedkeuring van Teveta – de Zambiaanse accreditatie organisatie voor beroepsonderwijs.

tekst

Zoals meestal in projecten zijn er ´bemoedigende´ ontwikkelingen en zaken waarvan je gehoopt had dat het sneller en gemakkelijker zou zijn gegaan. Van beide een voorbeeld.

De stichting Joy of a Toy helpt de weeskinderen van Kalwala Village. Eerder was in dat verband al een weeshuis opgezet. Bij dit weeshuis is nu een verbeterde was- en toiletvoorziening gerealiseerd. Hierbij is een belangrijke stap voorwaarts gemaakt in sanitatie en hygiëne. De toiletblokken zijn namelijk voorzien van moderne septic tanks. De kennis over het bouwen van septic tanks was in de regio niet aanwezig. Deze moest van elders komen. Door nu de studenten en docenten van de bouwopleiding intensief te betrekken bij de realisatie van de septic tanks, is deze kennis in de toekomst ook beschikbaar bij volgende bouwprojecten. Zoals de bouw van de docenten huizen later dit jaar. Op die wijze wordt de aantrekkelijkheid van leven op het platteland vergroot. Foto 7 laat de septic tank zien; zichtbaar is dat het afval water in twee stappen gereinigd wordt.

Kalwala Village ligt in een plattelandsgebied met een lage bevolkingsdichtheid. Voor het lager onderwijs is dit geen probleem – de lagere scholen zijn zo over het gebied gespreid dat ieder kind binnen een redelijke loopafstand lager onderwijs kan volgen. Voor het vervolgonderwijs ligt het moeilijker. De schaalgrootte is het belangrijkste probleem. Niet alleen omdat een deel van de leerlingen die van de lagere school komen geen vervolgonderwijs volgen of naar elders gaan maar vooral ook omdat het vervolgonderwijs een aanzienlijke mate van differentiatie kent. Globaal bestaat het vervolgonderwijs uit het middelbaar onderwijs – de High School; voorbereidend op het tertiair onderwijs – en het beroepsonderwijs – de Trade School. Beide zullen beperkt in omvang zijn, er van uitgaande dat de scholen een gebied met een straal van maximaal 10 kilometer bedienen. Neem hierbij de behoefte aan gespecialiseerde docenten plus de noodzakelijke maar kostbare voorzieningen voor praktische oefeningen en het zal duidelijk zijn dat de schaalgrootte een kritische parameter is. Dit is de belangrijkste reden om er – met name in plattelandsgebieden – voor te pleiten het gehele spectrum aan vervolgonderwijs onder te brengen in één enkel instituut: de School voor Vervolg Onderwijs (School for Continuing Education). Deze keuze heeft de potentie in zich om expertise en leermiddelen optimaal in te zetten. Impliciet betekent deze benadering dat het instituut onder één ministerie zal vallen. Het Ministerie van Onderwijs is hiervoor het meest voor de hand liggend. Het is in Zambia echter tot nu toe niet gebruikelijk dat beroeps onderwijs onder het Ministerie van Onderwijs ressorteert. Hoewel verschillende functionarissen uit het onderwijsveld en de overheid hun steun voor het beschreven concept hebben uitgesproken, en het op zeer beperkte schaal ook elders in het land al is geïmplementeerd, is er vanuit het ministerie nog geen instemming met het formeel starten van een School for Continuing Education. Met name het Hoofd van de plaatselijke lagere school, Lackson Kwangu, spant zich bijzonder in om goedkeuring op korte termijn te verkrijgen.

Op onderstaande foto: Lackson Kwangu (links; hij co-ordineert het project ter plaatse en draagt zorg voor de communicatie met de overheid) en Ireen Kalwala (rechts; zij is verntwoordelijk geweest voor de bouw van de school); een docent laat zien welke bedrijfskleding voor de leerlingen is aangeschaft. SOZ wil in hen graag allen bedanken die bijgedragen hebben aan de realisatie van de school.